Deelvenster Server

In dit deelvenster kunt u het volgende configureren:

  • Verbindingseigenschappen voor de SMTP-server die de e-mailmeldingen van Release Control verzendt.
  • De naam en het adres van de Release Control-toepassingsserver. Release Control gebruikt deze instellingen voor het maken van koppelingen in e-mailmeldingen naar aanvragen in de Release Control-toepassing.
  • Overige algemene instellingen.
Openen Selecteer Module > Beheerder > tabblad Configuratie > Server.
Zie ook Werken met het tabblad Configuratie

Hieronder worden de elementen van de gebruikersinterface beschreven:

UI-elementen Beschrijving
Tijdzone van client Deze optie is alleen relevant als de optie Tijdzone van client forceren is ingeschakeld. Als u de optie Tijdzone van client forceren inschakelt, krijgen alle gebruikers de datum en tijd van de hier geselecteerde tijdzone te zien.
Naam standaardfilter De naam van het standaardfilter dat wordt gebruikt in het deelvenster Filters in Module > Analyse > Wijzigingsaanvragen en in het veld Activiteiten in Module > Beheer > Besturing, nadat de gebruiker zich heeft aangemeld bij het systeem.
Tijdzone van client forceren

Als u deze optie inschakelt, zien alle Release Control-gebruikers dezelfde datum/tijd, d.w.z. die van de tijdzone die in het veld Tijdzone van client is geselecteerd.

Standaard: niet geselecteerd

Serveradres

Geef het adres van de Release Control-server als volgt op:

  • Als u één Release Control-server installeert, geeft u de URL op van de machine waarop u deze installeert.

    Opmerking als u een webserver gebruikt, gebruikt u de poort van de webserver.

  • Als u een cluster van twee of meer Release Control-servers achter een load balancer maakt, geeft u de URL van de load balancer op.
Servernaam

Voer de FQDN (Fully Qualified Domain Name) van de server in.

  • Gebruik hiervoor niet de standaardwaarde localhost of het IP-adres.
  • Als u een cluster van twee of meer Release Control-servers achter een load balancer maakt, geeft u de naam van de load balancer op.
SMTP-host Geef de hostnaam op van de computer die fungeert als SMTP-mailserver.
SMTP-wachtwoord Voer het wachtwoord in dat vereist is om verbinding te maken met de SMTP-server. Als u een versleuteld wachtwoord moet gebruiken, zie dan voor meer informatie over het versleutelen van wachtwoorden de paragraaf Wachtwoordversleuteling.
SMTP-poort Geef de poort op die moet worden gebruikt om verbinding te maken met de SMTP-mailserver.
SMTP-gebruikersnaam Geef de eventueel vereiste gebruikersnaam op om verbinding te maken met de SMTP-mailserver.
Systeemtaal

U kunt hier de standaardtaal instellen die Release Control gebruikt.

Standaard: Engels

Tijdzone weergeven

Schakel deze optie in om de tijdzone te laten weergeven met de datum, als de datum is genoteerd in lange datumnotatie.

Standaard: niet geselecteerd